Signalering van EF-problemen

Hoe zie je als ouder dat je kind moeite heeft met executieve functies?

Annelies de Vries Annelies de Vries
· · 9 min leestijd

Herken je dit? Je kind struikelt over schoenen die midden in de kamer liggen, vergeet elke week het gymtasje mee te nemen, of begint boos te huilen omdat de planning voor het weekend plotseling anders is.

Inhoudsopgave
  1. Wat zijn executieve functies eigenlijk?
  2. Hoe ziet moeite met executieve functies eruit in de praktijk?
  3. Welke kinderen hebben hier vaker last van?
  4. Wat kun je als ouder doen om te helpen?
  5. Veelgestelde vragen

Dit soort alledaagse struggles is vaak meer dan alleen een fase. Het kan wijzen op moeite met executieve functies. Dit klinkt misschien als een ingewikkelde term uit een psychologieboek, maar in de kern is het heel simpel: het zijn de hersenvaardigheden die ervoor zorgen dat je kind plannen maakt, dingen regelt en zich kan concentreren. Laten we eens kijken hoe je dit soort moeite echt herkent, zonder dat het ingewikkeld wordt.

Wat zijn executieve functies eigenlijk?

Stel je executieve functies voor als de directeur in het hoofd van je kind.

Deze 'directeur' zorgt dat alles soepel verloopt: van het maken van huiswerk tot het bedenken wat je nodig hebt voor een schoolreisje. Het is een verzameling vaardigheden die essentieel zijn voor succes op school en in het dagelijks leven.

Ze helpen bij het plannen, organiseren, focussen en aanpassen aan nieuwe situaties. Hoewel bijna alle kinderen dit leren, is de ontwikkeling bij iedereen anders. Onderzoek laat zien dat ongeveer 30 tot 40 procent van de kinderen op de basisschool moeite heeft met ten minste één onderdeel van deze vaardigheden. Dat is een behoorlijk groot aantal! De kern van executieve functies bestaat uit een paar belangrijke onderdelen:

  • Werkgeheugen: Het vermogen om informatie even vast te houden in je hoofd. Denk aan het onthouden van een huiswerkopdracht zonder dat je het direct opschrijft.
  • Remming (Inhibitie): Het kunnen onderdrukken van impulsen. Dus niet roepen in de klas of meteen een snoepje pakken als het nog niet mag.
  • Flexibiliteit: Het kunnen schakelen tussen activiteiten of ideeën. Als een plan plotseling wijzigt, moet je kind hier makkelijk mee om kunnen gaan.
  • Planning en Organisatie: Het opdelen van een grote taak in kleine stapjes en overzicht houden over spullen en tijd.
  • Zelfregulatie: Het beheersen van emoties en het focussen op een taak, ook als het even saai wordt.

Hoe ziet moeite met executieve functies eruit in de praktijk?

De signalen kunnen subtiel zijn of juist heel duidelijk. Elk kind is anders, maar er zijn een aantal typische patronen te herkennen.

1. Chaos in de planning en organisatie

Je hoeft niet direct aan de bel te trekken bij één klein foutje, maar als je een combinatie van deze signalen vaak ziet, is het goed om hier oog voor te hebben. Je kind heeft moeite om taken af te maken, zelfs als ze niet zo moeilijk zijn.

2. Impulsief gedrag en remmingsproblemen

De kamer ziet er vaak uit als een slagveld, huiswerk wordt vergeten of incomplete ingeleverd, en het klaarmaken voor school duurt eindeloos omdat er steeds iets zoek is. Een kind dat bijvoorbeeld continu zijn gymtas vergeet of zijn schoenen kwijtraakt, heeft vaak moeite met het organiseren van zijn omgeving en tijd. Dit is een van de meest zichtbare signalen. Je kind roepen iets zonder na te denken, pakt dingen zonder te vragen, of kan moeilijk wachten tot hij of zij aan de beurt is.

3. Moeite met het werkgeheugen

Een kind dat in de rij voor de glijbaan steeds voorbijdringt, of in de klas door de juf heen praat, laat zien dat de remfunctie nog niet optimaal werkt.

Problemen met het werkgeheugen uiten zich vaak in het vergeten van instructies. Je geeft je kind drie opdrachten mee naar boven, en als het boven komt, is er er nog maar eentje van overgebleven. Ook het volgen van een recept of het onthouden van een telefoonnummer kan moeilijk zijn.

4. Starheid en moeite met flexibiliteit

Ze luisteren wel, maar de informatie 'blijft plakken' niet lang genoeg om er iets mee te doen. Kinderen die moeite hebben met flexibiliteit, houden vast aan routines.

Een verandering in het schema kan al voor veel stress zorgen. Denk aan een kind dat boos wordt als het avondeten anders is dan verwacht, of dat niet wil wisselen van speelgoed tijdens het spelen.

5. Moeite met zelfregulatie en emoties

Ze kunnen moeilijk 'omdenken' en zien vaak maar één manier om iets te doen. Deze kinderen reageren vaak heftig op kleine teleurstellingen. Ze kunnen snel gefrustreerd raken of boos worden als een taak niet meteen lukt.

Het is voor hen lastig om zichzelf te kalmeren. Dit zie je bijvoorbeeld terug bij het maken van huiswerk: bij de eerste fout gaat het boek dicht en is de motivatie weg.

Welke kinderen hebben hier vaker last van?

Hoewel ieder kind hier last van kan hebben, zijn er groepen waarbij het vaker voorkomt. Het is belangrijk om te benadrukken dat dit geen oorzaak is, maar een risicofactor.

  • Kinderen met ADHD: Bij ADHD zijn problemen met executieve functies vaak een kernsymptoom. Denk aan moeite met stilzitten, organiseren en focussen.
  • Kinderen met ASS (Autisme Spectrum Stoornis): Door de sterke behoefte aan structuur en moeite met veranderingen, kunnen executieve functies onder druk staan.
  • Kinderen met leerproblemen: Zoals dyslexie of dyscalculie. Deze kinderen moeten vaak harder werken voor school, wat extra beroep doet op hun planning en zelfregulatie.
  • Erfelijkheid: Als ouders zelf moeite hadden met plannen of organisatie, is de kans groter dat kinderen dit ook ervaren.

Let op: dit zijn geen vaste regels. Een kind zonder diagnose kan ook zeker moeite hebben met deze vaardigheden.

Wat kun je als ouder doen om te helpen?

Gelukkig zijn executieve functies vaardigheden die je kunt trainen. Je hoeft geen expert te zijn om je kind te helpen; moeite met executieve functies herkennen bij je kind is de eerste stap, waarna kleine aanpassingen in de dagelijkse routine al een groot verschil kunnen maken.

  • Maak het visueel: Gebruik een witbord, een planner of een stickerkaart. Kinderen met moeite met plannen hebben baat bij zien wat er moet gebeuren.
  • Breek taken op: Een grote opdracht als 'kamers opruimen' is vaak te overweldigend. Maak er kleine stapjes van: eerst speelgoed in de bak, dan boeken op de plank.
  • Gebruik timers: Een visuele timer (van bijvoorbeeld de Action of HEMA) helpt bij het inschatten van tijd en het opstarten van taken.
  • Creëer vaste routines: Een voorspelbare structuur geeft rust. Zorg dat het ochtendritueel en het bedritueel elke dag ongeveer hetzelfde verloopt.
  • Geef positieve feedback: Focus niet alleen op het resultaat, maar prijs de inspanning. "Ik zie dat je echt je best hebt gedaan om je schoenen aan te trekken zonder dat ik je hoefde roepen."
  • Oefen het werkgeheugen: Spelletjes zoals 'Ik ga op reis en neem mee...' of kaartspellen zoals Memory zijn leuk en helpen tegelijkertijd.

Merkt je dat de moeite zo groot is dat het het dagelijks leven belemmert? Ontdek hier of je kind moeite heeft met executieve functies en schakel indien nodig hulp in van een psycholoog, orthopedagoog of een remedial teacher. Zij kunnen gerichte trainingen aanbieden, zoals bijvoorbeeld de 'Executive Functioning Training'. Uiteindelijk gaat het erom dat je je kind begrijpt en stapje voor stapje ondersteunt.

Executieve functies ontwikkelen zich langzaam, tot ver in de tienerjaren. Dus, heb geduld, blijf oefenen en vier de kleine overwinningen.

Veelgestelde vragen

Welke kinderen hebben zwakke executieve functies?

Veel kinderen, ongeveer 30 tot 40 procent op de basisschool, kunnen moeite hebben met bepaalde aspecten van executieve functies. Dit kan zich uiten in problemen met concentreren, het vergeten van instructies, impulsief handelen en moeite met plannen en organiseren van taken. Er is geen specifieke zin die je nooit moet zeggen.

Wat mag je nooit tegen je kind zeggen?

Het is belangrijker om positieve en ondersteunende feedback te geven, en je kind te helpen bij het ontwikkelen van zelfregulatie en planning.

Wat is acting out-gedrag bij kinderen?

Focus op het aanmoedigen van zelfstandigheid en het bieden van duidelijke instructies. Acting out-gedrag is een manier waarop een kind zijn frustraties of onvermogen om bepaalde vaardigheden te beheersen, kan uiten.

Hoe kan ik mijn kind testen op executieve functies?

Dit kan zich uiten in onrustig gedrag, impulsiviteit en moeite met het volgen van regels, vaak gerelateerd aan problemen met remming en zelfregulatie. Er zijn verschillende manieren om de ontwikkeling van executieve functies te beoordelen. De IDS-2 capaciteitentest is een gevalideerde test die zowel intelligentie als schoolse vaardigheden en executieve functies meet.

Van wie erft het kind de intelligentie?

Het is belangrijk om te onthouden dat dit slechts een indicatie is en dat het gedrag van een kind in verschillende situaties een beter beeld geeft.

Intelligentie is een complexe eigenschap die zowel genetisch als omgevingsfactoren beïnvloedt. Hoewel er een genetische component is, spelen ook de ervaringen en de omgeving waarin een kind opgroeit een belangrijke rol bij de ontwikkeling van de intelligentie.


Annelies de Vries
Annelies de Vries
Gecertificeerd Dyslexiebehandelaar en Orthopedagoog

Annelies helpt kinderen met dyslexie hun leesvaardigheid en zelfvertrouwen te vergroten.

Meer over Signalering van EF-problemen

Bekijk alle 50 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Wat zijn executieve functies precies en waarom hoor je er steeds meer over?
Lees verder →